De IJskast

De IJskast

Op 5 Oktober 1963 zouden mijn ouders hun zilveren huwelijksfeest vieren.

 Ruim tweejaar voor die datum, besloten wij kinderen te gaan sparen, om onze ouders een ijskast, zoals we dat toen noemden, cadeau te kunnen geven.

Dat was voor ons toentertijd een klein kapitaal dus namen we ruim de tijd om wat opzij te leggen.
Tonny ,Rietje en Peter wij waren de gene die werkten, spaarden elke week 1 gulden. Rudy  en Leny werkten nog niet maar die kregen wel zakgeld en betaalden elke week een kwartje.

Ton hield keurig de boekhouding bij in een schriftje.

Ton was inmiddels met Wil getrouwd, we brachten elke week onze centjes naar de Bilderdijkkade  waar Ton en Wil een schattig half woninkje hadden.
Voor dat zei er in trokken had mijn opa Beusekamp daar gewoond.
Het halve woninkje was door mijn vader en Wil zijn opa prachtig verbouwd.

Ongeveer een maand voor de vijfde oktober gingen we met z’n allen naar Sila in de Kinkerstraat.
Mijn zwager Wil die de kas zo af en toe ook wat bij spekte, en de enige techneut in de familie was ging mee, we zochten een prachtig tafelmodel ijskast uit.
We hebben allemaal één voor één de deur even open en dicht gedaan
“Goh, het lijkt wel een autodeur,” zei Rudy, zo mooi klonk het.

FL 298 = kostte het cadeau en dat hadden we! Er was zelfs nog genoeg geld voor een bosje bloemen en een mooie kaart over.

De ijskast zou op zaterdagochtend 5 oktober de dag dat onze ouders vijfentwintig jaar getrouwd waren bezorgd worden.
Paps en mams werden naar boven gestuurd. Papa zat daar goed bij zijn duiven, mam zal er wel bij zijn gaan zitten.
Toen de ijskast gebracht werd, is hij meteen in de keuken geplaatst, de bloemen en kaart stonden er bovenop.

Op het moment dat we onze ouders naar beneden riepen, kwam ome Wim die meestal op zaterdag even langs kwam de trap op.
Bij het binnen gaan van de woning zegt hij.
“Zo, val ik even mooi met mijn neus in de boter, ik ben mooi op tijd zo te zien.”
“Ik kom  even feliciteren.” Dat was voor mijn ouders een extra verassing.
Er werd geen feest gegeven maar er kwamen door de dag heen wel een paar mensen feliciteren en een kopje koffie drinken.
Ome Wim was dus de eerste. Hij kon mee genieten van het geven van het cadeau.

Volgens mij had ome Wim wel duidelijk een streepje voor bij de anderen.
Hij leek dan ook qua karakter het meest op mijn moeder.
Ik geloof dat de grootste overeenkomst van mijn moeder en ome Wim was.
Dat ze niet alleen beide heel vriendelijk waren, maar ook zo tevreden.

Wij kinderen waren net zo blij, als onze ouders.
Wat vonden we het allemaal een pracht cadeau!
“Is het al koud in de ijskast?” vroeg mijn moeder, dan haal ik de melk van de veranda en zet het er in.

Voor bij de koffie waren er tompoucen van bakkerij Houtman.
“O, dan kan het gebak er ook in” zei mams  met een trotse enthousiaste stem.

Allemaal stonden we weer om de ijskast met de melk en de yoghurt en de margarine er in. “Goh wat gaat er veel in hè?! zegt mijn moeder.

Dan wordt er koffie gezet en wordt de fles dubbel gestoomde melk uit de ijskast gepakt.
Want er ging bij mijn moeder dubbel gestoomde melk in de koffie. Die werd in de steelpan flink heet gemaakt. Koffiemelk bestond al wel, maar had bij ons nog niet zijn intrede gedaan.

We drinken met z’n allen zeer tevreden een kopje koffie, met ome Wim in ons midden en smikkelen van de tompoucen.

De ijskast slaat aan en m’n moeder zegt,”Deed hij het nou net niet?”
“Dat moeten we even in de gaten houden.”

Als we voor het tweede kopje koffie de keuken in lopen zegt de achtjarige Leny.”
“Ik hoor niks meer”…..alle gezinsleden plus ome Wim weer dat kleine keukentje in.

Wil zegt resoluut als hij is: “Moeder waar heb je het garantiebewijs?”
“Dat staat daar,” zegt mam en wijst naar het open vakje in de kast.
“Ik loop meteen even bij Sila langs, om te vragen of dat zo hoort, dat vind ik niks zo,” zegt hij. “Ton loop je even mee?”
“Ja even dat kleine beetje koffie opdrinken, dan ga ik mee,” zegt ze en giet het laatste slokje achterover.

Als Ton en Wil naar Sila zijn, dienen zich meneer Evers en Smit aan met een cadeau van de duivenvereniging.
De meest pompeuze niet in ons interieur passende staande schemerlamp, maar ja dat gegeven paard hè.

De Lamp

Ton en Wil, komen na ongeveer een half uurtje lachend terug.
Groeten de heren van de duivenvereniging, Wil kijkt naar de lamp en zegt.
“Zo, die moet wat gekost hebben, door Ton vervolgt met de woorden “Ja zeker dat zie je zo.”

“Maar met de ijskast is gelukkig niks mis, vervolgt Wil het is volkomen normaal dat hij af en toe afslaat, er zit een thermostaat in die kast en als hij de juiste temperatuur heeft, schakelt hij automatisch uit.”

Een mens kan zich nu niet voorstellen dat men dat niet wist, maar voor ons was het allemaal zo nieuw.
Wij waren bang dat de ijskast nu al stuk was, wat gelukkig niet het geval was. Onze ijskast deed het voortreffelijk.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s