Niet de Vuile Was Buiten Hangen I

Hoover wasmachine

“Ruud, je moet stoppen met die puzzel hoor, het is bijna schooltijd, roept mijn moeder Tonie van uit de alkoof”

Rudy is negenjaar, maar maakt al sinds zijn vijfde jaar met het grootste gemak puzzels van 500 stukjes.
“Ja mam, ik heb hem bijna af, dan ga ik meteen mijn schoenen aantrekken.”
“Goed jongen, jeetje wat heb je dat snel gedaan, mooi hoor!” zegt ze als Ruud het laatste stukje in de puzzel legt. “Doe maar snel je schoenen aan.”

” Wil jij voor mama, voor je naar school gaat, nog even een poppetje blauw bij Simon de Wit halen.” ” Een poppetje….? voor Leny”, vraagt Ruud verbaasd, terwijl hij de gulden van zijn moeder aanpakt. “Nee jongen dat is voor de was.” zegt ze en loopt achter Rudy de krakende houten trap af,

“Gaat u mee,” vraagt Ruud verbaasd. “Nee, ik blijf in het portiek staan, dan hoef jij niet weer helemaal naar boven.”
“Maar ik ga niet op mijn pantoffels de straat over.”

Terwijl ze in het portiek op Rudy staat te wachten arriveert net de wasmachine.
“Loopt u maar door hoor, mijn man is boven,” zegt Tonie.

Als het er even aan zat huurde Tonie op maandagochtend een Hover wasmachine. De wasmachine werd door de firma A.Onrust, die een  melkwinkeltje in de Ten Katestraat runde gebracht. Het verhuur van de  wasmachines was een bijverdienste voor de melkboer. Hij bracht om negen uur de wasmachine naar de derde etage, en om twaalf uur haalde hij hem op, kosten één gulden.


.Als Tony boven komt, pakt Piet net Leny’s jas van de kapstok.
Hij bracht op maandag, als Tonie de was deed Leny naar school..
Als het weer het toe liet ging hij daarna  graag een stukje fietsen.

 “Tony, het is zult schitterend weer als ik die kleine naar school heb gebracht, ga ik  even een bak koffie bij onze Toot drinken.”

Tootje die iedereen, sinds ze met Wil verkering had Tonny noemde, was inmiddels getrouwd.
Ze woonden met Wil, na dat hun halve woninkje op de Bilderdijkkade  gesloopt moest worden in Osdorp,
Toen een nieuwe wijk in Amsterdam.

“Je heb gelijk,” zegt Tonie. “Doe je die meid de groeten, jij haalt Leny toch ook uit school hè.”
“Want anders red ik het niet ik heb veel was. “vervolgt Tony.

“Ja natuurlijk,” zegt Piet.

Hij brengt Leny met de fiets aan zijn hand naar school. Hij kijkt haar met een trotse lach na als ze met haar dotje op haar hoofd kwebbelend naast haar vriendinnetje Lia de school in stapt.

Dan gaat hij bij bakkerij Schutte een boterkoek halen. En stapt vervolgens, na dat hij eerst een knijper op zijn broekspijp heeft gezet, op zijn fiets.
Hij fietst via de Allendelaan naar Osdorp. “Kijk is meid wat ik heb meegebracht.”
Zegt hij blij als hij bij Ton de kamer in stapt.

“O, wat lekker Pap,” zegt Ton. Als ze voor hun ieder een lekker stuk op een bordje legt.”
“Ik heb voor Wil ook een stuk af gesneden, de rest moet je lekker mee naar huis nemen hoor.” “Ja natuurlijk meid dat is ook de bedoeling,” Antwoord Piet.
Dan drinkt hij samen met Ton gezellig een kopje koffie.

“Als hij weer huiswaarts gaat rijd hij zoals gewoonlijk via de oost kant van de Sloterplas, daar stonden vaak vissers en Piet vond het heerlijk om daar even te stoppen.

word vervolgd

Mijn moeder noemde het Poppetje blauw

.

.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s