De Geboorte van Maria van Klaveren

Het is de avond van de derde januari 1944. Tonie is negen maanden zwanger en heeft weeën.

„Luister Tonie„ zegt Piet.

Ik leg die kleine in bed en ga Juffrouw Holtslag, halen

Juffrouw Holtslag de verloskundige, woonde boven beddenwinkel Het Westen in de Bilderdijkstraat.” Is het daar niet te vroeg voor? vraagt Tonie onzeker.

‘Nee,” zegt Piet resoluut, straks is het spertijd.”„

Je heb gelijk Piet,” zegt Tonie met een verkrampt gezicht, ze kreeg net een flinke wee.”

„Papa, vertel je me in bed nog even een verhaaltje?” vraagt Tootje.

„Nee lieverd, daar heeft papa nu geen tijd voor. Pak je nachtpon maar, als je die snel aantrekt kan Papa nog wel een liedje voor je zingen.”

Een minuut later zit Piet op de rand van haar bed en zingt, „maantje tuurt … maantje gluurt … al door de vensterruiten.” Tootje neuriet het liedje zachtjes mee. “Zo lieverd en nu gaan slapen, papa gaat nu de dokter halen en als je wakker wordt heb je misschien al een broertje of een zusje. Tootje draait zich glimlachend op haar zij en fluistert “goed hè”

Als Piet de deur uit is geeft Tonie de kleine ook nog even een knuffel en stopt haar in. De weeën worden heftiger en Tonie wil net op een stoel gaan zitten als er hard op de buitendeur gebonkt word.

”Tür offnen

Tonie staat van schrik aan de grond genageld.

„Túr offnen,” klink het opnieuw, maar nu veel dreigender.”

Tonie opent de deur op een kier. Voor de deur staat een Duitse soldaat.

„Verdunklen sie schell ihre fenster,” beveelt hij met koude ogen.

„Tonie kijkt hem verschrikt aan.”

Als de soldaat ziet dat Tonie hoogzwanger is zegt hij met een iets mildere stem, „Deine fenster verdunklen bitte.”

Als de Duitser weg is pakt Tonie snel wat oude kranten en legt die op de keukentafel. Ze maakt een schatting van de breedte van het raam en knip een strook van de krant. Op haar voet valt een punt stof.

„Ook dat nog,” zegt Tonie terwijl de tranen in haar ogen staan, „M’n laatste tafelkleedje.” Met pijn en moeite weet Tonie de ramen dicht te plakken. 

Als Piet met juffrouw Holtslag aankomt heeft Tonie sterke weeën. De vroedvrouw onderzoekt haar en verteld dat de bevalling binnen enkele uren zal plaatsvinden. Tonie heeft namelijk al een centimeter of vier ontsluiting. Ze verteld dat ze in de loop van de avond regelmatig langs zal komen om te kijken hoe het er voor staat. Het is een onrustige avond en als juffrouw Holtslag rond vier uur ‚s nachts voor de 3de keer langskomt is het zover. Op dinsdag vier januari negentienhonderdvierenveertig wordt om vijf voor half vijf geboren: 

Maria van Klaveren

De verloskundige waste het kindje zorgvuldig en legt haar bij Tonie in de armen. 

„Och, kijk es wat een schatje.” kreunt juffrouw Holtslag.

„Ja, het is een schatje,” zei Piet, „maar ze heeft niet zo’n klein mondje als m’n Toot.”

„Jij bent gewoon een beetje teleurgesteld dat het geen jongetje is,” zei Tonie.

Maria van Klaveren

„Hoe kom je daar nou bij, het is me allemaal even lief hoor. Nou ja, voor m’n vader had ik een stamhouder wel leuk gevonden.”

Een uurtje later is de vroedvrouw vertrokken en Tonie diep in slaap. Piet zit op de crapeau met Maria op schoot. Maria kijkt hem met open ogen aan. Piet kijkt naar het kindje en heeft het gevoel of hij Tonie en zichzelf in z’n armen vasthoud. Bewogen brengt hij het kindje wat dichter naar z’n gezicht. De  baby pakt hem met een duimpje zo klein als een garnaaltje aan z’n neusgat vast. Piet moet glimlachen.

Net als Piet de baby naast Tonie wil leggen  verschijnt Tootje in de deuropening. Piet zegt, „Kijk eens Tootje, dit is je zusje, hoe heet ze?, we gaan haar Maria noemen.” “Ria,” zegt Tootje “ja, zegt Piet, of Rietje dat is leuk

„Oh, wat een lief kindje,” zegt Tootje, „ze is nog kleiner dan mijn Pop. Papa, mag ik met haar spelen?”

„Dat is heel lief van je,” zegt Piet, „maar de kleine Maria moet nu naar bedje.” In z’n geestesoog ziet Piet hoe de kleine Toot haar Pop af en toe aan één been door het huis heen sleept en voegt er snel aan toe, „En weet je Tootje, het is heel lief van je hoor dat je met je zusje wilt spelen maar daar is ze eigenlijk nu nog te klein voor.”

Piet legt de kleine Maria naast Tonie en loopt naar het dichtgeplakte raam. Hij trekt de krant een stukje los en kijkt naar buiten. De nieuwe dag is al aangebroken. Piet scheurt de krant voorzichtig helemaal los en kijkt de straat in. Schuin aan de overkant van de straat strompelt er een stokoude man over het trottoir. Piet voelt de adem z’n longen instromen, hij kijkt naar de net geboren Maria en weer terug naar de oude man op straat. „Goh,” denkt hij, „en ik bevindt me daar ergens tussen in.” Er verschijnen twee soldaten in de straat. Piet neemt ze op als onderdeel van het hele decor om hem heen, de straat, het voortstrompelende mannetje, de huizen, de schoorstenen en de wolken in de lucht. Hij kijkt naar z’n handen en voor een kort moment beseft hij dat alles wat hij ziet vroeger of later voorgoed zal verdwijnen.

* * *

Als Piet de volgende dag bij zijn ouders arriveert om het nieuws van de geboorte te melden staat zijn vader bovenaan de trap en roept, „nou Piet jonge, wat is het geworden?” 

„Wacht even, ik kom er aan,” roept Piet omhoog en stijgt met twee treden tegelijk de trap op.

Hij slaat zijn vader op de schouder en zegt, „het is een schatje, maar het is geen stamhouder geworden, en dat zal er nu waarschijnlijk ook niet meer van komen.” Zijn vader knikt met een peinzend gezicht en zegt langzaam, „Nou jonge, als het kindje maar gezond is, dat is het belangrijkste.”

„En hoe gaat het meissie heten?” vraagt oma.

„Moeder, we willen haar naar Marietje vernoemen,” zegt Piet.

Bij het noemen van de naam Marietje, hoort Piet één van z’n zusters mokken, „Nou lekker dan, daar komt ie nou mee! Daar zijn we lekker klaar mee. Dat had ie bij die oudste van’m moeten doen, nou hoeft het ook niet meer.”

Piet gaat er niet op in en vraagt aan zijn moeder, „Marietje had toch maar één naam hè?” 

„Ja jonge, ze heette alleen Maria.”

„Nou mooi,” zegt Piet richting zijn zusters, „dan wordt het Maria”.

Hij loopt naar de deur en zegt opgewekt, „mensen adieu, ik ga naar de burgerlijke stand, om Maria van Klaveren te laten inschrijven.”

Copyright Ⓒ 2016 – 2019 P. Schwank

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s